DeutschSprechen

Het getal op het scherm is een getal, geen cijfer

vereiste herhalingen

Het aantal herhalingen dat je moet doen, wordt op het startscherm weergegeven als een getal. Als je het zo leest, lijkt het op een cijfer. Twaalf betekent twaalf kaartjes. Niet ‘je bent slecht’. De widget in DeutschSprechen toont dit getal en een paar actuele leerwoorden. Drie tot zeven. Je maakt de leerkaartjes in de app. Het vakje dient alleen als herinnering.

Ik heb het getal een tijdje vermeden als het hoog was. Toen werd het nog hoger. Sindsdien lees ik het ’s ochtends en doe ik er ’s avonds acht. Niet allemaal. Acht.

Wat je met het getal doet

Boven de twintig: geen nieuwe woorden. Acht die aan de beurt zijn, nog een keer of ik ken het, echt waar. Onder de vijf: twee nieuwe zinnen, hardop, met een voorbeeldzin van die dag. Daartussenin: alleen de stapel. Herhalingen die aan de beurt zijn, dat is het plan. Het quotum van tien nieuwe is dat niet. SRS, één dag, drie, zeven, dertig, negentig, vult de avond helemaal als je het volhoudt.

Het aantal daalt als je oefent of als je bekende woorden archiveert die echt vastzitten. Het mag niet dalen omdat je kaarten verwijdert om het vakje te sussen. Een rustig vakje met een lege mond is de dure variant.

Als het aantal liegt

Vastlopen na een paar dagen, ook al heb je gestudeerd: controleer de batterijbesparing, verwijder de widget, sla op in de app-instellingen, reset. Leeg: je hebt het kader ingesteld voordat de app wist wat erin moest staan. Log eenmaal in, sla het op, plaats het opnieuw. Android en iPhone verschillen in het gebaar, niet in deze volgorde. De woorden staan lokaal opgeslagen. Het getal komt daar vandaan, niet uit een cloud waarop je wacht.

’s Ochtends lezen, ’s avonds doen

Niet in het vakje vegen. Dat lukt daar niet, en dat is maar goed ook. Even kijken in de trein. ’s Avonds de kaarten, twee hardop. Dat ene woord van het scherm in de zin. Herhalingen die je alleen maar bekijkt, blijven openstaan. Het getal is een deur. De kaart is de ruimte.

Huidige leerwoorden op de widget wisselen. Wat je onder de knie hebt, hoeft daar niet meer te staan. Het getal kan toch hoog zijn, omdat andere dingen nog wankelen. Beide mogen tegelijkertijd kloppen.

Zo stel je het in: Widget. Wat het handjevol betekent: Leerwoorden.

Geen cijfer op de spiegel

De herhalingen die moeten worden gedaan, zijn een getal. Flashcards zijn het werk. Ik schrijf het getal niet op en vergelijk het niet met gisteren als een karaktertest. Gisteren twintig, vandaag veertien, omdat ik er acht heb gedaan: prima. Gisteren vier, vandaag vier, omdat ik niet heb geopend: ook maar een getal. Morgen acht. Of een zin, als de avond kort is. Eén kaartje verlaagt het getal met één, als je het eerlijk wegveegt. Dat is genoeg op een slechte dag. Niet nul. Nul is geen doel. Een klein getal is het gevolg van zinnen, niet het bewijs dat je klaar bent. ‘Klaar’ is geen van de woorden voor altijd. Over negentig dagen komt er weer van alles terug. De widget zal dan weer een getal laten zien. Lees het. Maak er acht van. Ga. Als het boven de twintig staat, geen nieuwe heldendaden. Acht oude. Twee hardop. De rest heeft morgen nog hetzelfde geduld. Het getal wordt niet boos. Het wacht op het scherm tot je het leest als een aantal en niet als een oordeel. Twaalf kaartjes. Acht vandaag. De rest morgen. Geen nieuwe, zolang het getal boven de twintig ligt. Twee zinnen hardop, de rest eerlijk weggeveegd. Het widget blijft een getal. Het cijfer schrijf je er niet naast. Flashcards vergeven de rest. Ze vergeven niet dat je ze wist, alleen maar zodat het vakje er kleiner uitziet. Morgen weer even kijken. Dan acht. Dan dicht. Het getal is een getal. Niet meer. Acht kaarten zijn genoeg.

DeutschSprechen toont de verschuldigde herhalingen. Het cijfer ben je jezelf schuldig gebleven door het niet te geven. Acht kaarten. Dan dicht.